De bengaal is ontstaan in 1963  uit kruisingen tussen de Aziatische Luipaardkat ( felis prionailurus bengalensis) en gedomestiseerde kortharige katten zoals de Egyptische Mau , Abessyn, Burmees en andere kortharige katten. Het doel was een kat te fokken met het karakter en persoonlijkheid van een huiskat maar met het spectaculaire uiterlijk en het temperament van een wilde kat.

Na tenminste vier generatie's vanaf de luipaardkat kunnen we spreken van een kat die geschikt is om te houden als familie/huisdier.  Vanaf de vijfde generatie (bengaal x bengaal) spreken we van de  Stud Book Traditional (SBT) . De meeste huidige bengalen komen uit bengaal x bengaal kruisingen het enigste wilde wat zij nog gemeen hebben met hun wilde voorouders is hun spectaculaire uiterlijk. 
Alleen bij de hele vroege generatie's (F 1 t/m F 4) stroomt er nog een percentage wild bloed door de aderen.
Een F1 is het resultaat van een Aziatische luipaardkat gekruist met een bengaal. Wat een kat opleverd met 50 % wild bloed . F2 is het resultaat van een F1 x bengaal en geeft een kruising met 25 % wild bloed. F3 is het resultaat van een F2 x bengaal enzovoorts.
 
 
De eerste generatie's de zogenaamde Foundation katten zijn niet te houden als huiskat. Ze zijn heel schuw en vertonen vaak onzindelijk gedrag.  Het houden van deze katten vereist zeer speciale eisen en ontzettend veel toewijding. Bovendien is het in Nederland verboden wilde dieren of hybriden als huisdier te houden.  

  
 

 TICA Raststandaard van de Bengaal uitgelegd:
 

Hoofd:  
 
Vorm: Breed wigvormig met afgeronde contouren. Langer dan breed. Voor de zogenaamde katerwangen bij dekkaters wordt een uitzondering gemaakt.
 
 
Grootte: In verhouding met het lichaam moet het hoofd klein zijn, maar dit mag niet extreem klein zijn.
 
 
Profiel: Lang voorhoofd (gezien van de oren tot bovenkant ogen) mooi glooiend overlopend in de neusbrug. Neus: De neus moet breed zijn inclusief het neusleertje. En toont een zeer lichte holle kromming.
 
 
Snuit: Deze moet breed zijn met prominent aanwezige volle snorhaarkussens. Vlak achter de snorhaarkussens moet de snuit wat geknepen zijn de zogenaamde pinch. Goed geprononceerde jukbeenderen
 
 
Kin: Vol en sterk en een rechte lijn vormend met de neus vanaf de zijkant gezien.
 
 
Oren: Medium tot klein van grootte ,wijd aan de basis en met afgeronde top. Plaatsing: Net zoveel op als naast de kop geplaatst en vanaf de zijkant gezien naar voren wijzend en frontaal gezien de contouren van het gezicht volgend. Lynx tipping is ongewenst.
 
 
Ogen: Groot, licht amandelvormig, bijna rond van vorm en wijd uit elkaar staand en helder van kleur. Dit kan groen, goud of hazelkleurig zijn bij de black tabby’s en Seal Sepia , blauw bij de Seal Lynx en aqua bij de Seal Mink.
   
Nek: Dik en gespierd en groot in verhouding met het hoofd en lang in verhouding met het lichaam.
 
 
Lichaam: Stevig van bouw, zeer gespierd en lang lichaam. Met brede poten en grote ronde voeten met stevige knokkels. Dikke volle zo kort mogelijke staart met ronde tip. Achterpoten langer dan de voorpoten waardoor ze bij het lopen die typische sluipgang tonen die zo kenmerkend is voor de bengaal.
 
Vacht: Lengte : Zo kort mogelijk Structuur: Dik en extreem zacht. De vacht van een bengaal moet als zijde aanvoelen. Glitter: Gewenst maar niet verplicht.
 
Patronen:
 
Spotted patroon: eenkleurige vlekken zo horizontaal mogelijk uitgelijnd duidelijk afgetekend tegen de achtergrond. Liever zien we rosetten(meer kleurige vlekken) maar dat is niet verplicht . Buik moet gespot zijn ook bij de marbled bengaal. Duidelijk afgetekende wangstrepen en halsstrepen.  
 
Marbled patroon: Alhoewel onstaan uit het klassieke blotched patroon van de tabby moet er bij de bengaal zo min mogelijk bulls-eye te zien zijn. Het patroon moet horizontaal uitgelijnd zijn. Verticale strepen zijn niet gewenst. Het meest gewaarde marbled patroon bevat 3 tinten (achtergrond / patroon/en omlijning van het patroon.)  
 
Kleuren: spotted of marbled : Bruin/black tabby – Seal Lynx- Seal Mink- Seal Sepia – Zilver- Zilver Sneeuw Seal Lynx- Zilver Sneeuw Seal Mink- Zilver Sneeuw Seal Mink.
 
Bruin/black tabby :
Alle varianten zijn toegestaan maar een hoge mate van rufisme welk een warme toon aan de geel//bruine of oranje achtergrond geeft heeft de voorkeur. Een grijzige ondervacht zoals sommige bengalen wel hebben is niet zeer gewenst maar wordt wel toegestaan. Een keurmeester mag daar geen punten voor aftrekken.
Aftekeningen kunnen variëren van inktzwart tot verschillende tinten bruin. Staartpunt en voetzooltjes dienen altijd zwart te zijn.
Een lichtere "bril’ rond de ogen, lichtere tot witte vacht op  kin/snorhaarkussens/binnenkant poten/borst en buik is zeer gewenst. Randen van de ogen ,neus en lippen moeten zwart omlijnd zijn en het centrum van het neusleertje moet steenrood zijn.
 
 
Seal Lynx:
Grondkleur ivoorkleurig tot wit. Aftekening mag varieëren van donker seal bruin tot lichtbruin . Met  lichtere "bril”rond de ogen er mag weinig verschil te zien zijn in de kleur van de aftekeningen en de points. Voetzooltjes en staartpunt moeten donker”seal”bruin zijn.
 
 
Seal Mink/ Seal Sepia:
Grondkleur : Ivoorkleurig/crème of lichtbruin . Met duidelijk zichtbaar patroon varieërend van lichtbruin/tankleurig tot chocoladebruin. Crème kleurige snorhaarkussen en kin zijn zeeer gewenst. Er mag zeer weinig verschil zitten tussen de kleur van de aftekeningen en de points/ Staartpunt moet donkerbruin zijn. Voetzooltjes donkerbruin met roze ondertoon.
 
Zilver:
(De zilver kleur is (nog) niet erkend in Nederland TICA heeft de zilver evenals de zilversnow in 2004 erkend. )   Grondkleur: Wit tot zilverwit Aftekening: varieërend van donkergrijs tot inktzwart. Tarnish(bruine verkleuring meestal op snoetje,voetjes of/en ruggegraat)  is niet gewenst maar een keurmeester mag er geen minpunten voor geven.
 
  Zilver sneeuw seal lynx/Zilver sneeuw seal Mink en Sepia Zolang de keurmeester de kat kan indentificeren als zijnde zilver dmv de witte ondervacht.      
 
Temperament:
 
Iedere vorm van dreiging of agressie zijn uit den boze. Het minste teken van agressie of dreiging  leidt tot onmiddelijke diskwalificatie. Een kat mag angst en/of vluchtgedrag tonen of zelfs luidkeels zijn ongenoegen laten blijken maar nooit agressie tonen. Een bengaal moet een vriendelijk en stabiel karakter hebben ,nieuwsgierig en alert zijn . En sociaal gedrag naar mensen tonen.  
 
MINpunten:  
Rond bullseye bij marbleds – In elkaar overlopende verticale spots bij de spotted ( mackerelling) –aanzienlijk donkerder pointkleur ten aanzien van de aftekeningen bij de seal lynx/mink en sepia. Duidelijk waarneembare medaillons op de hals/borst/buik ( witte aftekening) of waar dan ook op het lichaam waar deze niet hoort volgens de rasstandaard.  
 
Diskwalificatie:
Geen gespotte buik – Voetzooltjes die niet in overeenstemming zijn met de kleur van de vacht of verschillende kleuren voetzooltjes.    
 
© CATTERY SPOTSELOTica